In gesprek met twee verliezers van het conflict in Nagorno-Karabach

Haat, populisme, regionale grootmachten en ontheming. Het conflict tussen Armenië en Azerbeidzjan over de Nagorno Karabach regio is onlangs weer opgelaaid en heeft binnen anderhalve maand de situatie op zijn kop gezet. Armenië werd volledig overlopen door Azerbeidzjan en de gebieden die Armenië dertig jaar geleden veroverde om de etnisch-Armeense Nagorno-Karabach regio te bevrijden zijn weer in Azerbeidzjaanse handen. Wij gingen op zoek naar Armeense en Azerbeidzjaanse jongeren om te praten over het conflict. Waarom laaien deze gevechten toch steeds weer op? En waarom lijkt er maar geen vrede te komen? Onze zoektocht leverde een portret op van twee van de verliezers van dit conflict: een Armeense Nederlander die meer dan twintig vrienden verloor tijdens gevechten van twee maanden geleden, en een inwoner van Nagorno Karabach die de regio door de gevechten heeft moeten ontvluchten. 

Buitenlandredactie | Abel Hartman & Marthijn Kinkel

Armenië

“Armenië is een schoolvoorbeeld van hoe populisme een land volledig verknalt”. Dit zijn de woorden die Sepouh Abrahamian (28), halverwege ons interview moedeloos uit. Abrahamian is gelieerd aan de Armeense expat organisatie, de Armeense Jongeren Federatie (AJF), en werkt als marketeer in Nederland. Hij heeft international business administration aan de Hanyang University in Seoul gestudeerd. 

Armenië is de grote verliezer na de recente escalatie in het Nagorno-Karabach conflict tussen Armenië en Azerbeidzjan. Aan ruim een maand vechten kwam een eind op 10 November 2020 met een vredesovereenkomst waar Armenië de controle over grote delen van Nagorno Karabach verliest – waaronder het gebied met de belangrijkste autowegen tussen Armenië en Nagorno Karabakh. Artsach, de Armeense benaming voor Nagorno-Karabach, is na de huidige staakt het vuren/wapenstilstand op geen enkele wijze beschermd. Dit overeenkomst is voor heel veel interpretatie vatbaar en beschermt de rechten van de Armeniërs in Artsach niet. Er is nog steeds geen sprake van vrede.

Armeniërs voelen een sterke wederzijdse etnische verbondenheid met de regio, terwijl het grondgebied is toegekend aan Azerbeidzjan. De regio heeft meerdere keren geprobeerd haar onafhankelijkheid uit te roepen, maar deze pogingen werden of neergeslagen door Azerbeidzjan of niet erkend door de internationale gemeenschap. Azerbeidzjan wijst Armenië aan als onruststoker op haar grondgebied, terwijl Armenië claimt dat Azerbeidzjan de regio ‘gijzelt’. Sinds 1988 zijn er meerdere oorlogen gevoerd tussen de landen en ondanks enkele provocaties over en weer leek er tot twee maanden geleden een relatief stabiele status quo te zijn. De inmenging en onbeperkte steun van Turkije heeft ervoor gezorgd dat Azerbaijan zodanige militaire agressie heeft gebruikt tegen Armeniërs.

“Fysiek hebben wij er alles aan willen doen, maar de president die ons in deze ellende heeft gestort, capituleerde en ondertekende een verdrag zo vernederend voor iedere Armeniër die zijn leven heeft moeten geven dat ik alles nu zeer somber inzie.”

Sepouh Abrahamian (28) – lid van Armeense Jongeren Federatie

De politiek van Pashinyan heeft ook niet geholpen bij het conflict. Als populistische leider kwam hij twee jaar geleden met veel grootspraak aan de macht  en probeerde nieuwe partners te vinden voor Armenië, hij opende bijvoorbeeld een ambassade in Israël, wat tegen het zere been van Iran was en opende nieuwe wegen met het Westen, wat de Russische kant als provocerend zag. De relatie met de andere grootmacht Turkije is al een eeuw moeizaam (denk bijvoorbeeld aan de Armeense genocide). Tevens onderhoudt Turkije nauwe banden met Azerbeidzjan. Het gevolg was dat Armenië niet kon bouwen op een machtige regionale bondgenoot en het ondervond daar direct de gevolgen van met een Azerbeidzjaanse aanval.

Hoewel Abrahamian ook wel inzag dat Azerbeidzjan met haar gasbaten een leger kon opbouwen dat veel moderner was dan dat van Armenië en de oorlog waarschijnlijk erg moeilijk zou zijn verlopen, verwijt hij Pashinyan wel de snelle en vernederende capitulatie: “Wij zijn mentaal kapot. Fysiek hebben wij er alles aan willen doen, maar het capitulatieverdrag is zo vernederend voor iedere Armeniër die zijn leven heeft moeten geven, dat ik alles nu zeer somber inzie.”

De onrust in Armenië is nu groot. De capitulatie leidde tot protesten, verschillende politici stapten op uit ongenoegen en het ontslag van de minister-president wordt geëist. Abrahamiam hoopt vurig dat iemand anders de verdere onderhandelingen over de afhandeling van het wapenstilstandsverdrag  leidt, want er zijn nog steeds teveel punten die verkeerd geïnterpreteerd kunnen worden. Sommige besluiten zijn dermate vaag, dat de grenzen kunnen worden opgeschoven, om zo de Armeniërs nog enig vertrouwen te geven. Tot een langdurige en duurzame vrede zal het huidige wapenstilstand volgens Abrahamian niet leiden. De eisen van Azerbeidzjan waren dermate onrechtvaardig dat Armenië niet snel diplomatieke toenadering tot het land zal zoeken. Tegelijkertijd kijkt hij argwanend naar Turkije. De Turken bemoeiden zich al hevig met dit conflict en hebben een verdere strategie om haar regionale positie te verstevigen (mogelijk ten koste van Armenië). Aan het conflict komt dus nog lang geen einde. Wat rest voor de Armeniërs is om zo snel mogelijk hun rug te rechten en zich klaar te maken voor de uitdagingen van de toekomst.

Azerbeidzjan

Na het vurige interview met Abrahamiam over de Armeense perspectieven op het conflict, wilden wij ook erg graag zien hoe Azerbeidzjaanse jonge politici tegen de kwestie aankijken. 

Via het netwerk van onze internationale koepelorganisatie IFLRY kwamen wij uit bij Haci Zeynalli. Hij is oud-voorzitter van Dalga, onze Azerbeidzjaanse zusterpartij die recent is opgeheven. Momenteel werkt Haci als marketeer voor een FMCG bedrijf. Hij heeft internationale betrekkingen aan de UNEC Universiteit (Baku, Azerbeidzjan) en Talinn Universiteit (in Talinn) gestudeerd. De antwoorden van Zeynelli zijn vertaald vanuit het Engels. 

Al snel werd duidelijk dat Zeynalli ons niet alleen een Azerbeidzjaans perspectief kan geven, maar naar de kwestie kijkt als burger uit de Nagorno-Karabach regio. Via mail beantwoordde Zeynalli onze vragen en kwam bovenal met een hartekreet naar de strijdende partijen: “Laten we samen leven, laten we deze regio tot leven brengen. Ik ben er klaar voor. We moeten elkaar leren liefhebben. Het doet er niet echt toe wat je nationaliteit is. Dat is niet het belangrijkste punt.”

Beide partijen hebben hun mensen gemanipuleerd om klaar te zijn voor de toekomstige gewapende operatie.

De woorden van Zeynalli komen bij ons nog harder binnen wanneer hij vertelt dat hij dertig jaar geleden zijn woonplaats Agdam heeft moeten ontvluchten vanwege het oorlogsgeweld. In 1993 werd Agdam vrijwel volledig verwoest door Armeense troepen en sindsdien verworden tot spookstad. Op 20 november, bijna dertig jaar nadat Zeynalli moest vluchten, heeft Armenië Agdam teruggegeven aan Azerbeidzjan als onderdeel van het vredesakkoord. Wij vroegen hem of hij verwacht dat hij nu terug zou kunnen keren naar zijn stad. “Ik wil naar huis, maar als wij de geschiedenis keer op keer gaan bekijken, zullen we geen vrede bereiken. Ik bedoel echte vrede. Je kunt beweren dat het gebied ooit bij jou hoorde, je kunt beweren dat dit van ons is, we hebben hier in de loop van de millennia geleefd. Het klopt dat wij hier al die tijd hebben gewoond, maar het voegt nu niets toe.”  De vrede is volgens Zeynalli met alle blikken in het verleden dus nog lang niet bereikt. 

Waarom is het zo moeilijk om tot een (diplomatieke) oplossing te komen van het conflict? Het opruien van de achterban ziet Zeynalli als een van de belangrijkste oorzaken voor het oplaaien van het gewapende conflict. Beide partijen hebben hun mensen gemanipuleerd om klaar te zijn voor de toekomstige gewapende operatie. Haat is door de jaren heen in beide samenlevingen doorgedrongen en heeft dit conflict in gang gezet. 

“We kunnen niet zeggen dat het een vredesakkoord is, maar het is goed dat er nu geen gevechten zijn.”

Haci Zeynalli – oudvoorzitter Dalga, een voormalige Armeense zusterpartij van de Jonge Democraten.

Daarnaast zag Zeynalli vooral een belangrijke rol weggelegd voor Rusland. Het land is een belangrijke strategische partner van Armenië en Azerbeidzjan. Bovenal is Nagorno-Karabach een kind van de USSR-tijd, waarin de regio een autonome oblast vormde en naderhand dus de basis vormde van het conflict tussen Armenië en Azerbeidzjan. Rusland gebruikt conflicten over grondgebied tussen twee voormalige Sovjet staten volgens Zeynalli strategisch om de landen tegen elkaar uit te spelen en invloed te behouden. 

Hoewel er volgens Zeynalli “geen winnaar of verliezer in een oorlog” zijn vanwege de economische, politieke, en psychologische schade die het aanricht, ziet hij Azerbeidzjan toch als de winnaar van het conflict omdat het de gebieden die in de loop der jaren zijn bezet heeft heroverd. Op 9 november heeft Azerbeidzjan de bevrijding van de historische en strategische stad Shusha uitgeroepen en op 20 november heeft Armenië Agdam, de stad waar Zeynalli woonde teruggegeven aan Azerbeidzjan als onderdeel van het vredesakkoord. Toch blijft Zeynalli voorzichtig: “We kunnen niet zeggen dat het een vredesakkoord is, maar het is goed dat er nu geen gevechten zijn. De partijen lijken tot een oplossing te komen, of ze proberen er in ieder geval tot een te komen.” 

Met deze twee interviews hebben wij jullie van twee kanten een kijkje proberen te geven in het Nagorno-Karabach conflict tussen Armenië en Azerbeidzjan. Een economische samenwerking tussen beide landen om het gebied te laten ontwikkelen zou voor Nagorno-Karabach het beste zijn, maar of dit gaat lukken met de teneergeslagen Armeniërs en de belangen van de regionale grootmachten is maar zeer de vraag.


Bron omslagfoto: Zaqarid, Wikimedia Commons. Overzichtsfoto van onrust in Nagorno-Karabach 2020.

2 gedachtes over “In gesprek met twee verliezers van het conflict in Nagorno-Karabach

  1. Heer Sepouh Abrahamian spreekt namens de AYF. Het overgrote Armeense volk staat nog altijd achter premier Nikol Pashinyan.

  2. Het probleem is dat er geen geschikte opvolger voor Pashinian is. Het merendeel van de bevolking staat nog achter hem, maar beseft ook dat hij bij de verdere onderhandelingen niet de juiste persoon is. De oppositie die nu acties voert heeft een verleden van corruptie, verrijking enz. Die willen ze niet meer terug. Eventuele kandidaten zoals Raffi Hovannesian en de huidige president Sargissian leveren ook bezwaren op. Een politieke crisis er boven op nog.

Laat een reactie achter bij Hayastan Reactie annuleren