Van basisbeurs via het leenstelsel naar de studentenkorting – een overzicht

Het leenstelsel. Achterhaald? Onredelijk? Een ding is zeker: het heeft de afgelopen tijd een hoop discussie opgeleverd. Tegenwoordig kan het stelsel van bijna geen enkele politieke partij meer op steun rekenen. Hoe komt het dat een dergelijk systeem in 2015 zelfs met steun van linkse partijen ingevoerd is en die mening nu, vijf jaar later, 180 graden gedraaid is? Redacteur Julian Talma neemt je mee door de tijd, langs de verschillende contexten rond dat o-zo omstreden leenstelsel.

Julian Talma

Basisbeurs

Tot 2015 was de basisbeurs nog de norm: elke student kreeg maandelijks een vast bedrag op de rekening gestort. Dit bedrag verschilde voor thuis- en uitwonende studenten en hieraan zaten geen enkele verplichtingen, behalve dan dat studenten binnen uiterlijk 10 jaar afstudeerden. Alhoewel het bedrag voor veel studenten niet toereikend genoeg was om alle kosten te dekken, hielp het hen aardig op weg en leende de gemiddelde student veel minder bij dan tegenwoordig. Geen stress vanwege torenhoge schulden, geen gedoe met het aanvragen van hypotheken en iedereen tevreden. Toch?

Helaas kleefden er ook een hoop nadelen aan de basisbeurs. Iedereen had er recht op, dus ook studenten die het geld misschien niet nodig hadden. De slager betaalde voor de studie van de zoon van de advocaat, terwijl de advocaat zelf misschien ontmoedigd werd geld bij te leggen. Maar het was niet alleen een bureaucratisch systeem, het was ook erg duur: de overheid betaalde maar liefst 88% van de studie voor studenten.

“Sommige mensen hadden 20 tot 30 duizend euro schuld. We maakten toen heel zichtbaar dat dit echt een probleem is.”

Carline van Breugel – oud-voorzitter LSVB en portefeuillehouder Diversiteit en Participatie

Reden voor het kabinet om de basisbeurs volledig af te schaffen en het roer om te gooien naar de andere kant: het leenstelsel. Dit houdt in dat studenten geen basisbeurs meer krijgen, maar in plaats daarvan tegen voordelige voorwaarden geld bij kunnen lenen. Dit creëert financieel ruimte voor het kabinet om het bespaarde geld te investeren in de kwaliteit van het onderwijs.

Verzet

Het klonk als een goed idee, maar we weten nu dat er helaas veel meer nadelen aan het leenstelsel kleven dan dat verwacht was. Zo lopen de studieschulden erg hoog op, wat leidt tot veel stress onder studenten. Na hun studie hebben velen problemen met het aanvragen van een hypotheek.

Carline van Breugel was in 2018 als voorzitter van de Landelijke Studentenvakbond (LSVb) nauw betrokken bij protesten die ervoor zorgden dat de studiefinanciering opnieuw op de politieke agenda kwam. Ze is binnen de JD actief als landelijk portefeuillehouder Diversiteit en Participatie en staat momenteel op plek 34 van de advieslijst van D66 voor deze verkiezingen (dit kan nog hoger worden als we massaal twintigers de top 20 in stemmen!). Ook Carline zag dat het leenstelsel ertoe leidde dat veel studenten hoge schulden hebben, en dus ging ze twee jaar geleden samen met ROOD de straat op. “Ik was op dat moment net voorzitter van de LSVb, en er was toen nog helemaal geen sprake van dat ze het leenstelsel zouden gaan afschaffen. ROOD kwam toen uiteindelijk met het idee om een demonstratie te organiseren, waardoor de discussie is opgelaaid.”

Tijdens de demonstratie droegen studenten bordjes op hun rug met daarop de hoogte van hun schuld. “Sommige mensen hadden 20 tot 30 duizend euro schuld. We maakten toen heel zichtbaar dat dit echt een probleem is.”

Campagne

De LSVb is toen ook een campagne gestart, Niet Mijn Schuld genaamd, in samenwerking met FNV Young & United. “Deze campagne is twee jaar geleden van start gegaan,” vertelt Lyle Muns, de huidige voorzitter van de LSVb. “In de campagne moedigen wij studenten in zeven verschillende steden aan om echt in verzet te komen tegen het leenstelsel en voeren we constant ludieke – online – acties om druk op de ketel te houden.”

De drie eisen van de campagne zijn dat er een schuldenvrije basisbeurs komt, compensatie voor de ‘pechgeneratie’ [de groep studenten die schulden heeft opgebouwd door het leenstelsel, red.] en dat het geld dat geïnvesteerd wordt niet vanuit de onderwijsbegroting zelf komt, legt Lyle uit. “Deze campagne mobiliseert studenten specifiek op het thema van het leenstelsel, en we zien dat steeds meer partijen van mening zijn geswitcht. Die hebben allemaal gezegd dat ze de studieschulden zien oplopen en dat ze een alternatief moeten gaan bedenken.”

Standpunten

Volgens Carline duurde het lang voordat ook D66 uiteindelijk om was. “Zij hebben het stelsel heel lang verdedigd, maar gelukkig staat in ons huidig verkiezingsprogramma nu wel dat de beurs breed beschikbaar moet worden.” Zelf pleit ze daarnaast voor een compensatie voor de tussengeneratie die geen beurs heeft ontvangen.

“Met het overnemen van het plan schuift D66 nog iets progressiever op.”

Jelt Pekaar – portefeuillehouder Onderwijs & Wetenschap

Maar de JD wil zelfs nog een stapje verder gaan. Jelt Pekaar, samen met Jan Willem het Lam landelijk portefeuillehouder Onderwijs & Wetenschap en nauw betrokken bij het formuleren van het nieuwe standpunt, vertelt er enthousiast over aan de telefoon. “Halverwege de zomer zijn we met andere portefeuillehouders een discussie gestart en hebben we verschillende voorstellen gedaan voor een nieuw standpunt. De werkgroep Economie, Financiën en Sociale Zaken en de portefeuillehouder Digitalisering en Automatisering kwamen uiteindelijk met het idee van de studentenkorting. We hebben toen de moties uitgewerkt en die aan het congres voorgelegd.” De moties zijn vervolgens aangenomen. Het is nu de bedoeling dat de uitkeerbare belastingkorting in het plan van D66 ook de studiefinanciering gaat vervangen.

D66

Ook op het verkiezingsprogramma van D66 is nu een amendement ingediend. De kans is groot dat D66 het plan overneemt, op het afschaffen van het collegegeld na, denkt Jelt. “Met het overnemen van het plan schuift D66 nog iets progressiever op. Als ze ons standpunt overnemen, dan wordt die uitkeerbare belastingkorting dusdanig hoog dat deze niet alleen de weggevallen toeslagen, maar ook de aanvullende beurs compenseert. Studenten hebben dan dus de kans om schuldenvrij af te studeren, terwijl werken in dit plan nog steeds blijft lonen.”

Maar als we willen dat de volgende regering het plan gaat uitvoeren, moeten we wel nú in actie komen, denkt Lyle Muns. “Er zijn nu zoveel partijen die zeggen, ‘we gaan het doen.’ Dus de kans om iets te veranderen is nu, tijdens deze verkiezingen.” 

Het is belangrijk dat wij ons, als studenten en jongeren, mobiliseren en ons over het onderwerp uitspreken. Alleen dan zullen de onderhandelaars tijdens de volgende formatie bereid zijn geld uit te trekken voor deze hervorming. Dus, zegt Lyle tegen al die 750.000 studenten in Nederland: “Kom in verzet, sluit je aan, en laat je stem horen deze verkiezingen!”


Bron omslagfoto: Amsterdamse studenten demonstreren tegen verlaging studiebijlagen, Amsterdam 1984,
Croes, Rob C. / Anefo

Geef een reactie